Inbreng van schenkingen in de nalatenschap?

Bij schenkingen komt het soms voor dat ouders het ene kind bevoordelen t.o.v. het andere kind, bijvoorbeeld bij de aankoop van een woning.

Schenkingen verrekenen met erfdeel?

Die bevoordeling kan weer aan de orde komen als de erfenis wordt vastgesteld. Indien het gaat om een aanzienlijke schenking, dan kan de vraag rijzen of die schenking ten tijde van het overlijden van de ouder (schenker) verrekend moet worden met het erfdeel.

Het huidige erfrecht (na 1 januari 2003)

Volgens het huidige erfrecht hoeven schenkingen aan kinderen die erfgenaam zijn, niet te worden ingebracht in de nalatenschap van de ouder, tenzij de ouder dit ten tijde van het verrichten van de schenking of in zijn testament heeft bepaald. Inbreng van een schenking betekent dat de schenking dient te worden verrekend met het erfdeel. Eigenlijk krijgt het kind door de inbrengverplichting als het ware een voorschot op het erfdeel. Dat kan alleen als het kind ook erfgenaam is. Indien het niet de bedoeling is dat de schenking ingebracht wordt in de nalatenschap, omdat het bijvoorbeeld niet de bedoeling is van de ouder dat het ene kind boven het andere kind bevoordeeld zal worden, dan moet bij de schenking bepaald worden dat de schenking niet hoeft te worden ingebracht door het kind.

Verstandig vastlegging inbrengverplichting

Het is verstandig de inbrengverplichting schriftelijk vast te leggen. Is de inbrengverplichting niet geregeld bij de schenking, dan kan men dit achteraf bij testament bepalen. Een bij de schenking opgelegde verplichting tot inbreng kan bij testament achteraf ongedaan worden gemaakt. Het is niet mogelijk om iemand die een schenking vrij van inbreng heeft gekregen, achteraf bij testament tot inbreng ervan te verplichten. Voorbeeld. Een ouder met twee kinderen helpt één daarvan met de aankoop van een huis door een bijdrage van € 100.000,- belastingvrij te schenken. Bij de schriftelijke vastlegging van de schenking wordt bepaald dat dit bedrag dient te worden ingebracht in de nalatenschap. Bij overlijden van de ouder wordt het erfdeel van het eerste kind verrekend met de schenking.

Waardering schenking

De regeling ter zake de waardering van giften in het kader van de legitieme portie is in beginsel leidend voor de waardering van de schenking. Voor de waarde van een schenking dient in beginsel te worden uitgegaan van de waarde ten tijde van de prestatie. Er zijn uitzonderingen op de hoofdregel opgenomen in de wet:

  • schenkingen die pas ten volle na het overlijden van de ouder worden genoten,
  • schenkingen onder voorbehoud van het genot van het goed door de ouder, en
  • de verschaffing van een aan het leven van de ouder gebonden recht door de ouder.

Schenkingen verricht voor 1 januari 2003
Voor schenkingen verricht voor 1 januari 2003 geldt het omgekeerde. Schenkingen verricht voor 1 januari 2003 werden in mindering gebracht op het erfdeel, tenzij de ouder anders had bepaald.

Overgangsrecht

Alhoewel na 1 januari 2003 schenkingen dus niet hoeven te worden ingebracht, geldt dit niet voor schenkingen die zijn gedaan onder oud recht. Met andere woorden; kinderen die onder oud recht een schenking hebben gekregen, zijn in dat geval nog steeds verplicht tot inbreng, tenzij bij testament anders is bepaald.