Inleiding

Een overeenkomst wordt gesloten tussen twee partijen. Wanneer een van de twee partijen zijn of haar deel van de overeenkomst niet nakomt of niet correct nakomt (wanbetaling, verkeerde product, te laat, slechte kwaliteit etc.), is dat erg vervelend voor de ander. Die zal graag van de overeenkomst af willen, aangezien hij dan met een andere koper of verkoper een overeenkomst kan sluiten. In dat geval is het vaak mogelijk om de overeenkomst te ontbinden met teruggave van het geld of de goederen. Maar wat nu wanneer er ook schade is geleden? Is er een recht op schadevergoeding, en wanneer?

Ontbinden / gedeeltelijke ontbinding

Wanneer een schuldenaar zijn verplichtingen uit de overeenkomst niet nakomt (en in verzuim is geraakt), kan de schuldeiser de overeenkomst ontbinden. Bijna elke tekortkoming (wanprestatie) kan leiden tot ontbinding, tenzij het gaat om een tekortkoming die zo gering is, dat ontbinding niet gerechtvaardigd is (bijvoorbeeld het één keer te laat betalen van een huurtermijn). Voor ontbinding is het niet vereist dat de schuldenaar verwijtbaar in gebreke is; hij zal zich dus nooit op overmacht kunnen beroepen om ontbinding te voorkomen.

Bij ontbinding moeten de prestaties, die in het kader van de overeenkomst al zijn verricht, worden ‘teruggedraaid’. Nog niet verrichte prestaties hoeven niet meer verricht te worden. Als A aan B een boot verkoopt en levert, en B vervolgens de rekening nooit betaalt, kan A de overeenkomst ontbinden. B is dan verplicht de boot terug te geven aan A en A heeft dan niet langer recht op betaling van de koopprijs.

In veel gevallen zal een overeenkomst meerdere rechten en plichten in het leven roepen. Als dan slechts een deel van de overeenkomst niet wordt nagekomen door een partij, is ook gedeeltelijke ontbinding mogelijk. Hierdoor blijft de rest van de overeenkomst (waar geen sprake is van tekortkomingen van partijen) gewoon bestaan.

De schuldeiser kan ontbinden door de ontbinding schriftelijk mede te delen aan de schuldenaar. Als de schuldenaar hier niet aan meewerkt, kan de schuldeiser de rechter vragen om de ontbinding uit te spreken.

Opschorting

Als een schuldenaar zijn verplichtingen uit een overeenkomst niet of niet tijdig nakomt, is de schuldeiser bevoegd zijn eigen verplichtingen opschorten. Dit betekent dat de schuldeiser wacht met het uitvoeren van zijn eigen prestatie uit een overeenkomst, totdat de wederpartij nakomt. Men kan pas opschorten als men een opeisbare vordering heeft. Hiermee wordt bedoeld dat duidelijk moet zijn dat er een vordering is. Uit de wet blijkt dat opschorting alleen mogelijk is als de tekortkoming de opschorting rechtvaardigt. Het kan onredelijk zijn om op te schorten als het gaat om een zeer geringe tekortkoming aan de kant van de wederpartij.

Hierna zal aandacht worden geschonken aan de schadevergoeding bij het verbreken of niet nakomen van een overeenkomst. Dit zijn algemene regels, voor overeenkomsten tussen burgers en bedrijven (consumentenkoop) is er aanvullende regelgeving.

Schadevergoeding wanprestatie (niet nakomen van een overeenkomst)

Om de bovenstaande vraag maar direct te beantwoorden: ja, er is in beginsel recht op schadevergoeding bij iedere tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst waarbij schade wordt geleden. De schadevergoeding vindt wel slechts plaats voor zover er een causaal verband is tussen de schade en de tekortkoming, de schade moet dus voortvloeien uit de tekortkoming.

Deze schadevergoeding omvat zowel geleden verlies als misgelopen winst. Ook kosten die zijn gemaakt om de schade te beperken komen in aanmerking voor schadevergoeding, net als onderzoekskosten en eventueel juridische kosten. Nadeel dat in principe niet in geld kan worden uitgedrukt (immateriële schade) kan ook onder de schadevergoeding vallen, maar een dergelijke schadevergoeding zal in geval van het niet nakomen van een overeenkomst niet vaak voorkomen.

Overmacht

Stel nu dat twee partijen een overeenkomst hebben, maar dat een van beiden niet levert omdat zijn opslag is afgebrand of omdat er een overstroming is geweest. In dat geval is het niet erg eerlijk om toch schadevergoeding te moeten betalen voor een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis. Dat hoeft dan ook niet.

De tekortkoming in de nakoming van de verbintenis die schadevergoeding kan opleveren moet namelijk wel toerekenbaar zijn. De wet geeft daarbij aan dat om schadevergoeding te krijgen, de tekortkoming te wijten moet zijn aan de schuld van de wederpartij. Als er sprake is van overmacht is er geen toerekenbaarheid van de tekortkoming en dus geen verplichting tot schadevergoeding.

Wanneer volgens de wet of de ‘in het verkeer’ (in de samenleving) geldende opvattingen de schade voor rekening van de partij komt die niet nakomt, is er ook geen sprake van overmacht. Daarnaast kan overmacht worden uitgesloten door dat uitdrukkelijk in de overeenkomst te zetten door bijvoorbeeld de zin: “Piet kan geen beroep doen op overmacht” of “Piet geeft de garantie dat de goederen ten alle tijde geleverd worden”.

Wat valt er allemaal onder de schadevergoeding?

Vaak is het onduidelijk wat er zoal wél als schadevergoeding kan worden gevorderd en welke schade niet voor vergoeding in aanmerking komt. Er kan in zijn algemeen worden gezegd dat zowel een wettelijke verplichting tot het betalen van schadevergoeding als een contractuele verplichting tot het betalen ervan moeten worden nagekomen.

Wettelijk gezien gaat dit op voor vermogensschade, zoals geleden verliezen, misgelopen winsten en incassokosten. In sommige gevallen is ook vergoeding van niet vermogensschade mogelijk, maar die mogelijkheden zijn aanzienlijk beperkter.

Verzuim nodig voor schadevergoeding?

In het geval er geen overmacht van toepassing is, maar er wel een tekortkoming in de nakoming van de verbintenis is, is er niet direct recht op schadevergoeding. Let op: de regels van verzuim dat nodig is voor ontbinding van een overeenkomst lijken op de regels voor verzuim voor schadevergoeding, maar zijn niet hetzelfde!

Om te weten of verzuim nodig is om schadevergoeding te krijgen, moet allereerst worden gekeken of nakoming nog mogelijk is of niet. Wanneer nakoming blijvend onmogelijk is, is geen verzuim nodig en kan direct schadevergoeding worden gevorderd. Is nakoming wel nog mogelijk, direct of na enige tijd, dan moet de wederpartij eerst in verzuim zijn voordat schadevergoeding kan worden verkregen.

Schadevergoeding via verzuim en ingebrekestelling

Wanneer een voorwaarde is dat voor schadevergoeding verzuim van de wederpartij nodig is, moet dat meestal gebeuren door een ingebrekestelling van de wederpartij.

Verzuim kan soms ook van rechtswege intreden, dat wil zeggen zonder ingebrekestelling. Bijvoorbeeld als fatale deadlines niet zijn gehaald (zodat aanmanen zinloos zou zijn) of als uit mededelingen of gedragingen van de schuldenaar blijkt dat hij toch niet gaat nakomen. Het verzuim treedt dan automatisch in wanneer er een afgesproken ‘harde deadline’ is gemist. Ook treedt het verzuim in wanneer de tegenpartij mededeelt dat hij niet meer van plan is om de overeenkomst na te komen of dat er naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid geen ingebrekestelling nodig is. Deze laatste mogelijkheid blijkt uit de jurisprudentie. Dit kan het geval zijn wanneer er al vaak is geklaagd over het product of wanneer opzettelijk niet is nagekomen. Als het verzuim automatisch is ingetreden is schadevergoeding zonder ingebrekestelling mogelijk.

Is het bovenstaande niet het geval, dan is ingebrekestelling wel nodig. In het geval dat er tijdelijk niet kan worden nagekomen is het voldoende om schriftelijk aan de wederpartij te kennen te geven dat hij aansprakelijk wordt gesteld. Met een volgende brief kan dan schadevergoeding worden gevorderd.

In het geval dat er wel nog steeds een mogelijkheid voor de wederpartij is om na te komen, is een schriftelijke ingebrekestelling ook verplicht. In dit geval moet een redelijke termijn worden gegeven waarbinnen nagekomen moet worden. Wordt dat niet gedaan, dan is schadevergoeding mogelijk.